Voetbalblessure

Woensdag 7 juli
Traject: Den Bosch – Den Haag
Tijd: 09.08 uur
Vertraging: 0 minuten

De treinen worden sinds twee weken bevolkt door luidruchtig volk dat ik normaal gesproken nooit in de coupés zie. Dat ligt niet aan mij, maar aan de vakanties die duizenden kinderen naar Blijdorp en de Efteling sturen.

Tussen de krijsende kleuters zaten deze ochtend een man en vrouw op leeftijd. Beiden mooi wit haar en voorzien van degelijk schoeisel waar fijn op gelopen kan worden. De vrouw had een leesbril om haar nek hangen en een heuptasje zat half verscholen onder de beige bodywarmer. Op haar schoot een zak met krentenbollen, waar ze zojuist beiden een exemplaar uit gepakt hadden.

“Moeten we nou overstappen in Utrecht?” vroeg de man gespannen aan zijn vrouw. In zijn polo zaten dunne oranje streepjes. Onder de korte broek behaarde benen. Ook wit.

Uit haar binnenzak viste de vrouw een papier. Uitgeprint van 9292ov. “Ja, en dan naar spoor 9. Maar we hebben maar vijf minuten dus je moet wel een beetje doorlopen.”

De man trok zijn wenkbrauwen op en wreef even over zijn knie. “Nou ja, ik hoop dat het lukt. Mijn blessure speelt wel weer een beetje op.”

Er werd gezucht door de vrouw. “Schat, je hebt zestig jaar geleden een keer tegen een balletje getrapt. Op het laagste niveau en het heeft minder dan een jaar geduurd. Zo erg kan het dan toch niet zijn.”

De man strekte zijn rechterbeen. Er knakte wat. “Au! Hoorde je dat?” klonk het verongelijkt.

“Stel je niet aan. Dat heb ik ook. Dat is gewoon artrose. Krijg je als je over de zeventig bent. Dan gaat de boel slijten.”

De man was er duidelijk niet van overtuigd. In zijn hoofd werd er waarschijnlijk weer gevoetbald op de veldjes van zijn jeugd. Prachtige slidings en passes naar de spits die vervolgens dankzij hem een wereldgoal maakte. Gedachteloos voelde hij nog eens aan zijn knieschijf terwijl hij glazig naar het voorbijrazende weiland keek.

“Ik vond het wel schitterend gisteren hoor. Och, zoals Robben die bal erin kreeg. Buitenaards gewoon,” verzuchtte hij. “Wist je dat ik ooit ook zo gescoord heb?”

De vrouw reageerde niet.

“En het mooiste was dat er bij die wedstrijd eigenlijk een scout van Ajax zou zijn. Maar ja… De trein reed niet.”

“Ja schat, dat weet ik. Heb je me al vaker verteld,” zei ze ongeïnteresseerd.

De man merkte het niet. Terwijl zijn gewricht opnieuw knakte, keek hij opgetogen. “Ik ga zondag in de stad kijken. Dan weet je dat alvast. Samen met mijn oude voetbalvrienden hossend over de markt!”

“Nou, mooi is dat! Toos is jarig. Laat je me lekker alleen gaan!”

“Lief, je kunt toch niet verwachten dat ik een beetje cake ga eten bij Toos, als we wereldkampioen worden? Nee hoor, dan spring ik midden op de markt een gat in de lucht.”

Het bleef even stil.

“En dat springen en hossen kun je dán zeker opeens wel?” klonk het zuur.

Maar de man staarde alweer naar buiten en hoorde haar niet. Een gelukzalige glimlach was op zijn gezicht verschenen.

Advertenties

  1. Tja, er gaat nu eenmaal niks boven voetbal! 😉

  2. Frederique

    Ach, wat is het kleine leed toch aandoenlijk en vermakelijk. Erg leuk blog!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: