Muis à la carte

Donderdag 15 april
Traject: Hilversum Noord – Utrecht CS
Tijd: 18.06 uur
Vertraging: 0 minuten

Oké, ik had me nog zo voorgenomen vandaag niet over de La Place te schrijven. Na gisteren was ik het ‘restaurant’ wel een beetje zat. Maar vanavond sta ik er opeens weer. Vriendin A. met wie ik iedere week samen eet, heeft kortingsbonnen. En, toegegeven, daar ben ik gevoelig voor. Dat het onderwerp van mijn blog vervolgens een uitgemaakte zaak is, moge duidelijk zijn.

Vanavond is het koopavond in Utrecht. Een interessant moment om Hoog Catherijne in te duiken. Winkels zijn overgenomen door zestienjarigen die hun breezers op een eerlijke manier verdienen en dames uit de provincie doen lekker een avondje Utrecht. Rondje langs Miss Etam en de WE en dan heel snel naar de V&D. Voor de patat en mixed grill.

Ik sta samen met A. in een lange rij te wachten op de vers te bakken pizza’s. Het is de beste keuze hier, zo weten wij uit ervaring. Het gevaar van rauwe vis en ongaar vlees is bij de andere kookeilanden reëel aanwezig. En dus roddelen we gezellig over de mensen die langs lopen en tien minuten later weer terug komen met nog rode zalm en een glazig kippetje vol met campylobacter.

Wanneer we een half uur later eindelijk ons eten hebben afgerekend, vinden we een plekje achterin. Daar is het lekker rustig. Zo af en toe komt er een vleugje toiletaroma langs drijven. Maar met een beetje fantasie is het net de tonijnpizza van de buurvrouw die we ruiken.

Na de twee voortreffelijke Margaritha’s besluit ik koffie te halen. En dus sta ik even later wederom in een lange rij. De jongen die de koffie moet zetten heeft zes automaten tot zijn beschikking, maar hij lijkt dat feit totaal te negeren. Gebiologeerd staart hij naar het straaltje bruine vocht en de opgeklopte melk die uit het apparaat voor hem komen. Kop voor kop wordt zo tergend langzaam gezet.

De mensen achter mij worden ongeduldig en ik moet toegeven dat ik het ook behoorlijk irritant begin te vinden. Vooral het tempo waarin de jongen schone bekers pakt is van een ergerlijk langzaam niveau. Sloffend moet hij na iedere kop om een grote tafel heen lopen om daar nieuw serviesgoed te pakken. Ondertussen zucht hij goed hoorbaar en kijkt hij verveeld.

Er sluiten zich steeds meer mensen aan, maar de jongen doorbreekt zijn routine van ‘één kopje per vijf minuten’ niet. Even later wordt duidelijk waarom, wanneer een vrouw hem vraagt of hij niet wat meer apparaten kan gebruiken. “Nee, die zijn al schoongemaakt. Dus dat kan niet.” De vrouw vindt het vreemd. De zaak is toch nog een uur open? “Ja, ik weet het ook niet hoor. Wilt u nou nog een cappuccino of niet?”

Nog voordat de vrouw antwoord kan geven, loopt hij weg. En komt niet meer terug.

Ik loop boos naar een caissière en vraag naar de manager. Stiekem vind ik dat best leuk om te doen, want zo’n vraag stel ik niet iedere dag. Het meisje schrikt en stamelt zacht dat die al naar huis is. Goed kattig bijt ik haar toe dat dát wel te merken is.

Ja, ik ben goed in mijn rol.

Terug bij A. heb ik geen koffie. Terwijl ik mijn relaas doe, verstijft ze opeens en staart ze met grote ogen naar een punt schuin achter me. “Daar! Een muis!” Het beestje schrikt en rent snel naar een andere hoek. Een tweede volgt.

Net als ik opnieuw boos naar een medewerker wil lopen, schiet de koffiejongen opeens voorbij. Hij scant de vloer en ziet dan de grijze knaagdiertjes zitten. In zijn rechterhand rust een hamer. Vliegensvlug slaat hij twee keer op de beesten in. Het bloed spettert tegen de witte muur. Trots kijkt hij om zich heen.

A. is verbijsterd. Ik kijk haar aan. “Als hij nou in alles zo snel was, zou het hier stukken beter gaan,” concludeer ik zwartgallig. En een beetje misselijk verlaten we La Place.

Advertenties

  1. Dat je al die dingen in de trein meemaakt, is tot daar aan toe en wil ik na je scout’s honor van laatst nog wel geloven. Maar wat ik niet vertrouw, is het feit dat jij zelden vertraging hebt 😉

  2. Frederique

    Zouden de schoonmakers soms staken?

  3. Als Bossche behoor je het woord patat te verachten en het friet te noemen 😉

  4. Eddie v. Boxtel

    Nu sta ik ook regelmatig te wachten op een trage kassajuffrouw of op iemand die de appels heeft vergeten af te wegen. Maar ik vind dat niet erg.
    Sterker nog, ik vind niets leuker dan lekker lang wachten in een rij. Het gebeurt namelijk altijd dat iemand ongeduldig wordt en opmerkt dat hij nooit in de goede rij staat.

    Ik loop boos naar een caissière en vraag naar de manager. Stiekem vind ik dat best leuk om te doen, want zo’n vraag stel ik niet iedere dag. Het meisje schrikt en stamelt zacht dat die al naar huis is. Goed kattig bijt ik haar toe dat dát wel te merken is.

    Wat vind je nu leuker?
    Mensen afgezeken zien worden of zelf mensen afzeiken 😛

    Ohja Robert, zo wel goed? 😉

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: